Nieuws

17 /04/ 2014

Zorgafspraak brengt meer zekerheid voor cliënten in overgangsjaar of slechts pleister op de wonde

Nieuwsbericht

file_8003_m_1374320986_w_146_h_auto Staatssecretaris Van Rijn heeft overeenstemming bereikt met de fracties van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en SGP over extra geld voor de zorg en ondersteuning van ouderen en mensen met een beperking. De middelen komen beschikbaar voor begeleiding en de zorg voor ouderen en verstandelijk gehandicapten in een instelling.

Van Rijn: ‘Ik ben blij dat we met deze partijen afspraken hebben gemaakt over de hervorming van de langdurige zorg. We bieden meer zekerheid voor mensen met ondersteuning in het overgangsjaar. Daarnaast bieden we ook meer zekerheid voor mensen voor wie het thuis niet langer gaat.’

Meer zekerheden voor cliënten
Mensen die nu AWBZ-zorg ontvangen en straks ondersteuning vanuit de nieuwe Wmo, kunnen erop rekenen dat passende ondersteuning beschikbaar is in het overgangsjaar 2015. Hiervoor wordt € 195 miljoen beschikbaar gesteld. Daarnaast is € 60 miljoen vrij gemaakt in 2015 voor een soepele overgang van de overheveling van de jeugdhulp naar gemeenten.

Passende ondersteuning thuis
Gemeenten krijgen ook meer middelen om mensen passende ondersteuning te bieden met begeleiding, huishoudelijke hulp en het verlichten van de mantelzorger. Naast de aanvullende € 195 miljoen in 2015, krijgen gemeenten hiervoor extra € 165 miljoen in 2016, € 50 miljoen in 2017, € 40 miljoen in 2018 en € 30 miljoen structureel in de jaren daarna.

Meer zorg in een instelling beschikbaar

Met deze afspraken is meer zekerheid geboden dat ouderen en verstandelijk gehandicapten, voor wie het thuis wonen niet langer meer gaat, een plaats in een zorginstelling kunnen krijgen. Hiervoor is geld beschikbaar gekomen oplopend van €5 miljoen in 2015 tot €70 miljoen in 2019.

Bron: Min. VWS

09/04/2014

Revolutionair zorgconcept voor chronische ziekten

ParkinsonNet geeft patiënten meer zeggenschap en verlaagt de zorgkosten

De geïntegreerde zorg van het landelijke ParkinsonNet geeft patiënten met Parkinson meer zeggenschap over hun leven en is bovendien goedkoper dan de standaardzorg. Dat schrijven prof. Bas Bloem en dr. Marten Munneke van het Radboudumc in een artikel in het British Medical Journal (BMJ). Een ‘revolutionair zorgconcept’, stelt de BMJ, dat ook de zorg voor veel andere chronische aandoeningen, zoals reuma, diabetes en COPD, naar een hogerniveau kan trekken.

De vooruitgang in medische kennis en technologie, de stijgende zorgkosten, de hogere verwachtingen van patiënten en de behoefte om zelf meer de regie te voeren, veranderen de zorg voor chronisch zieken. ParkinsonNet, dat in 2004 in Nijmegen en omgeving werd ontwikkeld en inmiddels overal in Nederland wordt toegepast, speelt gericht in op deze behoeften. ParkinsonNet is in Nederland meerdere malen bekroond, onder andere door ZonMw met de onderscheiding ‘parel der parels’.prijs

Blauwdruk voor omwenteling?

In het artikel in de BMJ beschrijven Bas Bloem en Marten Munneke hoe het ParkinsonNet is georganiseerd en waarom het ParkinsonNet een groot succes is geworden. Het is een uiteenzetting over de manier waarop patiënten en professionals samenwerken in een netwerk. Tegelijkertijd is het een voorbeeld voor de manier waarop de zorg ook voor andere chronische patiënten beter geregeld kan worden. Het zorgt ervoor dat de zorg effectiever wordt, dichter bij huis geleverd wordt en daardoor ook goedkoper kan.

ParkinsonNet

De ziekte van Parkinson is een invaliderende hersenziekte die vaak voorkomt. Deze chronische aandoening is niet alleen belastend voor de patiënt, maar ook voor de naaste omgeving. ParkinsonNet levert zorg door een netwerk van speciaal opgeleide professionals die samenwerken binnen regionale netwerken en via een speciaal ontwikkeld online platform. Ook de patiënten zelf hebben toegang tot dit platform.Parkinson

Online platform

Bas Bloem, hoogleraar neurologie in het Radboudumc: “We zijn met ParkinsonNet begonnen om zorgprofessionals een gerichte Parkinson training te geven en om de communicatie tussen hen en de patiënten te verbeteren. Via het online platform kunnen patiënten informatie vinden over mogelijke behandelingen en kunnen zij zelf professionals zoeken die zich gespecialiseerd hebben in de behandeling van mensen met Parkinson. Op dit moment bestaat ParkinsonNet uit 66 regionale netwerken met bijna 3000 opgeleide experts uit 15 verschillende disciplines.”

Nieuwe cultuur van samenwerking

“Patiënten zijn erg tevreden over de zorg door ParkinsonNet professionals en professionals zijn blij met die erkenning door patiënten en stellen het overleg binnen het netwerk met deskundige collega’s bijzonder op prijs”, zegt Marten Munneke, directeur van ParkinsonNet. “Door ParkinsonNet is een nieuwe cultuur van samenwerking ontstaan, waarin gespecialiseerde zorgverleners en betrokken patiënten samenwerken om optimale resultaten te bereiken.”

Meer met minder

In een podcast op de website van BMJ vertelt Marco van der Vegt, bij wie op 43‐jarige leeftijd Parkinson werd vastgesteld, hoe ParkinsonNet hem heeft geholpen bij het omgaan met de ziekte. ParkinsonNet geeft hem een gevoel van ‘self empowerment’. Hij heeft meer regie over zijn eigen ziekte en kan zo voor zichzelf de beste zorg regelen. In dezelfde podcast verwijst Bloem naar onderzoek waaruit blijkt dat ParkinsonNet niet alleen tot beter geïnformeerde patiënten en meer kwaliteit van zorg leidt, maar dat het landelijk tot een enorme kostenbesparing heeft geleid van mogelijk 20 miljoen euro.

Bron: Parkison Vereniging Nederland

04/04/2014

Nog even in de wachtkamer.
AMC

De geplande fusie tussen het AMC en De Vrije Universiteit VUmc is voorlopig van de baan, omdat de VU en VUmc op dit moment één rechtspersoon vormen.VU

De eind vorig jaar aan de Autoriteit Consument & Markt (ACM)voorgelgde fusie wordt ingetrokkken.
Wel wordt de samenwerking geintensiveerd. Bestuurvoorzitter van AMC, Marcel Levi en VUmc, Wouter Bos, hebben dit gisteren bekend gemaakt in een Brief AMC-VU.

Omdat beide raden van bestuur overtuigd zijn van de voordelen van de alliantie tussen AMC en VUmc, laten zij – in afwachting van een oplossing van de juridische bezwaren – nu andere vormen van samenwerking onderzoeken, die niet tot concentratie worden gerekend. De doelstellingen van de alliantievorming zijn niet veranderd en AMC en VUmc krijgen hiervoor steun van onder meer patiëntenorganisaties, zorgverzekeraars en overheden. De invoering van een gezamenlijk elektronisch patiëntendossier is één van de tastbare vormen van samenwerking en verdient naar de mening van beide raden van bestuur onverminderde prioriteit.

Het belangrijkste argument van de Autoriteit Consument en Markt om goedkeuring aan de (bestuurlijke) fusie te onthouden is dat VU en VUmc eerst moeten worden omgevormd tot twee zelfstandige rechtspersonen. Pas dan kan er groen licht worden gegeven voor zo’n fusie. VU en VUmc zijn nu nog verenigd in één stichting.

Volgens de brief van Bos en Levi zijn de plannen tot splitsing van VU en VUmc volgens de Autoriteit ‘nog met te veel voorwaarden omgeven, ook met betrekking tot de kosten van deze operatie en de gevolgen daarvan voor de bancaire relaties’.

Beiden zjn enigzins teleurgesteld, maar zowel Levi als Bos denken toch dat er voldoende ruimte is tot verdere samenwerking.Zij schrijven dan ook: ‘onverminderd gaan wij door met het vormgeven van onze ambities’.

07/02/2014

De Mythe rond Alzheimer

Alzheimer, ziekte van het brein of ziekte van de samenleving?

Tijdens deze bijeenkomst op 18 februari in Spui 25 wordt stilgestaan bij de vraag hoe we als samenleving het best met de groeiende groep Alzheimerpatiënten om kunnen gaan en bij de mogelijke impact van nieuwe diagnostiek. Eregast is de Amerikaanse hoogleraar Peter Whitehouse.

Whitehouse

Nieuwe beeldtechnieken en de ontwikkeling van biomarkers dragen de belofte in zich dat de diagnose ‘Alzheimer’ straks in een vroeger stadium en met meer zekerheid kan worden gesteld. Wat betekent zo’n vroege diagnose voor patiënten, mantelzorgers, medici en de samenleving als geheel?

Wetenschappers in het NWO-programma Maatschappelijk Verantwoord Innoveren onderzoeken die vraag. De vrees bestaat dat Alzheimer steeds meer als een exclusief medische aandoening zal worden beschouwd, terwijl er minder aandacht komt voor het dagelijks functioneren van de patiënt en voor de kwaliteit van leven die hij ervaart. Bovendien staat het nut van een vroege diagnose van Alzheimer niet vast zolang er nauwelijks een effectieve behandeling voorhanden is.

Tijdens deze bijeenkomst staan we stil bij de vraag hoe we als samenleving het beste met de groeiende groep Alzheimerpatiënten om kunnen gaan en bij de mogelijke impact van nieuwe diagnostiek.

Eregast is de Amerikaanse hoogleraar Peter Whitehouse. Als biomedisch onderzoeker stond hij in de jaren tachtig aan de wieg van de huidige generatie Alzheimergeneesmiddelen. Inmiddels uit Whitehouse echter scherpe kritiek op de in zijn ogen doorgeschoten medicalisering van deze ouderdomsaandoening.

Marianne Boenink is als docent en onderzoeker verbonden aan de Universiteit Twente, met als specialisatie filosofie en ethiek van de biomedische technologie. Zij leidt het onderzoeksproject Responsible early diagnostics for Alzhemer’s diseasein het NWO-programma Maatschappelijk verantwoord innoveren.

Mark van Buchem is hoogleraar neuroradiologie aan het Leids Universitair Medisch Centrum en hoofdonderzoeker in het Project: Hoe herken je Alzheimer waarin wetenschappers en bedrijven instrumenten ontwikkelen om de ziekte van Alzheimer in een vroeger stadium en met meer zekerheid te kunnen vaststellen.

Peter Whitehouse is hoogleraar neurologie aan de Case Western University in het Amerikaanse Cleveland, waar hij in de jaren tachtig een universitair Alzheimercentrum opzette. Ooit de mede-ontdekker van Alzheimermedicijnen omarmt hij nu ook niet-medische behandeling van ouderen met cognitieve beperkingen. Bijvoorbeeld programma’s waarin lezen, schrijven en verhalen vertellen centraal staan. Whitehouse propageert een niet louter fysiologische blik op ons ouder wordende brein.

Hij schreef het geruchtmakende The Myth of Alzheimer: What You Aren’t Being Told About Today’s Most Dreaded Disease

Margo Langedijk is programmamanager ontwikkeling bij het Odensehuis in Amsterdam.

In het Odensehuis kunnen mensen met dementie en hun mantelzorgers, familie en vrienden binnenlopen en elkaar ontmoeten. Het concept voor het Odensehuis is afkomstig uit Denemarken. Doel is dat mensen met dementie ondersteund door hun naasten zo lang mogelijk zelfstandig kunnen functioneren en zo veel mogelijk op een plezierige manier deel kunnen nemen aan de samenleving.

Sandra Rottenberg leidt het gesprek.
De voertaal tijdens de bijeenkomst is overwegend Nederlands. Peter Whitehouse zal zijn presentatie in het Engels houden, maar hiervan komt een Nederlandse samenvatting beschikbaar.

In gesprek met Peter Whitehouse

07/02/2014
Radboudumc & Nictiz werken samen aan versnelling gebruik eHealth

Het REshape Center van het Nijmeegse Radboudumc en Nictiz werken sinds 1 februari 2014 samen.
Binnen dit samenwerkingsverband verbinden en verdiepen beide organisaties hun kennis op het gebied van eHealth. Nictiz en REshapestellen zich ten doel om expertise op het gebied van eHealth aan te dragen om diverse veldpartijen en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) te helpen bij het bepalen van hun koers in de sterk veranderende ict zorgwereld. Dat doen ze door experimenten, onderzoek en trendanalyse. De samenwerking wordt gestart omdat beide organisaties van mening zijn dat zij elkaar met hun expertise en netwerk goed aanvullen. Het volgt ook op de ambitie van het Ministerie van VWS om de inzet van eHealth te versnellen, het kan helpen om de patiënt “zinnige en zuinige” zorg te verlenen.

TrendITion™
De samenwerking krijgt vorm in TrendITion™, een initiatief dat op basis van onder meer trendanalyse en onderzoek in kaart brengt ‘wat de stand van zaken nu is, wat er gaat verdwijnen en wat er gaat komen in eHealth’. Zo geven de organisaties met TrendITion™ in de vorm van rapportage, bijeenkomsten en onderzoek duiding en een vooruitblik op de (on)mogelijkheden die geboden worden door de exponentiële groei in technologische ontwikkeling. Hierdoor willen zij zorginstellingen, professionals en patiënten stimuleren meer gebruik te maken van de mogelijkheden.

Gezamenlijk team Nictiz/REshape
De samenwerking vindt plaats vanuit een gezamenlijk team. Binnen dit team van ongeveer acht mensen zal Lucien Engelen, Directeur REshape Center van het Radboudumc, een dag per week aan Nictiz verbonden zijn voor TrendITion™ om dit gezamenlijke geesteskind op te gaan zetten. Daarnaast zullen mensen van Nictiz wekelijks bij REshape aanwezig zijn om een brug te slaan tussen deze organisaties. Het team gaat een methodologie ontwikkelen om de veranderingen en mogelijkheden te kunnen duiden en volgen. De aard van technologische innovatie en met name de snelheid daarvan, vraagt hierin een andere benadering dan bijvoorbeeld de klassieke onderzoeksmethodes. De methodologie zal onder meer gevoed worden door analyse van internationale ontwikkelingen, internationale expert views, waarnemingen en door concrete ervaringen met het werken met eHealth. De aandacht ligt hierbij op de mogelijkheden die vooral de patiënt geboden worden.
Lies van Gennip, directeur Nictiz: “Wij merken aan alle kanten dat de overheid, maar ook zorgfinanciers, zorgaanbieders en professionals worstelen met de snelheid van technologische ontwikkelingen. Wat zijn kansen, welke risico’s zijn er en waar kan het beste in geïnvesteerd worden? Met TrendITion™ willen we de overheid maar ook het veld helpen om te gaan met dergelijke lastige vragen.”

Lucien Engelen, directeur REshape Center van het Radboudumc:

“We hebben geen glazen bol, maar willen wel onderbouwd kunnen duiden wat er wanneer, in het huidige versnellende veld, ongeveer aan komt. Het tempo wordt door de een vreselijk óver- en door de ander ónderschat, hetzelfde geldt voor de impact van ontwikkelingen. Met deze samenwerking willen wij onze zoektocht naar mogelijkheden om de patiënt tot partner te maken verder vorm en inhoud geven.”

Meer informatie
Voor meer informatie over TrendITion™ kunt u terecht bij Johan Krijgsman of @JohanKrijgsman

Bron: Nictiz

03/02/2014

Open Data voor medisch onderzoek

Staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft zijn handtekening gezet onder het Europese samenwerkingsverband ELIXIR. Hiermee steunt Nederland het open data initiatief op het gebied van biologische en biomedische onderzoeksdata.

Doordat Nederland nu toetreedt tot ELIXIR krijgen Nederlandse onderzoekers toegang tot belangrijke biologische onderzoeksgegevens die van groot nut kunnen zijn voor onderzoek op het gebied van geneeskunde, biotechnologie en landbouw. De moderne biologie levert enorme hoeveelheden data op. ELIXIR maakt het voor wetenschappers mogelijk om biologische data uit eerdere experimenten sneller te vinden, makkelijker te integreren in nieuwe onderzoeken en sneller te delen met Europese collega’s. Samenhang en integratie van de vele verschillende data kan leiden tot een enorme bijdrage in het onderzoek naar bijvoorbeeld therapieën voor erfelijke ziektes.
DE
Staatssecretaris Dekker maakt met de ondertekening van ELIXIR een grote stap op het gebied van Open Access van onderzoeksdata, ook wil hij samen met Europese collega’s komen tot Open Access van wetenschappelijke publicaties. “De wereld om ons heen verandert snel. We leven nu in een digitale wereld en die vraagt om op een nieuwe manier met wetenschappelijk onderzoek om te gaan. Dit geldt niet alleen voor publicaties, maar ook voor toegang van onderzoeksgegevens. Voor het beschikbaar stellen en houden van onderzoeksdata moeten goede afspraken worden gemaakt. Ik ben blij dat het Europese ELIXIR daar binnen het (bio)medische veld een voortrekkersrol in speelt, en dat Nederland daar actief aan bijdraagt ” aldus Dekker.

Nederland zal €1,1 miljoen euro bijdragen aan ELIXIR en treedt als zevende land toe tot deze Europese samenwerking. Voor informatie over ELIXIR zie: http://www.dtls.nl/dtl/elixir-nl.html
Bron: Min OCW

01/02/2014
Startsein Alles is Gezondheid

Op woensdag 5 februari geven minister Edith Schippers en staatssecretaris Martin van Rijn het startsein van het programma en de conferentie Alles is Gezondheid.
Alles is GezondheidTijdens de conferentie worden de ambassadeurs van het programma bekendgemaakt, beloftevolle initiatieven gedeeld, worden er overeenkomsten over het behalen van concrete resultaten gesloten en wordt er gezocht naar meer verbinding tussen gezondheid en andere maatschappelijke doelen in de verschillende domeinen wijk, school en werk. Op het congres worden 400 deelnemers verwacht. Het publiek bestaat uit bestuurders en beslissers, projectleiders en beleidsmedewerkers bij maatschappelijke organisaties, bedrijven en overheden. Alles is Gezondheid is de titel van het Nationaal Programma Preventie (NPP). Het NPP zal lopen voor een periode van drie jaar, van 2014 tot en met 2016, en brengt activiteiten bijeen rond drie terreinen:
• Gezondheid bevorderen en ziekten voorkomen in de omgeving waarin mensen wonen, werken en leren.
• Preventie een prominente plek geven in de gezondheidszorg.
• Gezondheidsbescherming op peil houden.

Zes ministeries, gemeenten, bedrijven en een groot aantal maatschappelijke organisaties werken hier samen aan mee.

Gezondheid

Locatie: Corpus congresmuseum, Willem Einthovenstraat 1, 2342 BH Oegstgeest

Bron: Min.VWS

28/01/2014 Voor meeverhuizen partner is geen indicatiebesluit nodig

Bij het CIZ komen op dit moment veel vragen binnen over het meeverhuizen van de echtgenoot of partner bij opname in een verpleeg- of verzorgingshuis. De informatie daarover op Facebook leidt tot misverstanden. Om die reden zetten wij de feiten nog eens op een rij.

Wat nu

Als een echtgenoot/echtgenote of partner een indicatie ontvangt voor opname in een verpleeg- of verzorgingshuis vanwege een psychogeriatrische of somatische aandoening, dan kan de ander thuis blijven wonen of meeverhuizen. Artikel 9, lid 3, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ beschrijft dat de partner aanspraak heeft op verblijf in dezelfde instelling. Een voorwaarde is wel dat een zorginstelling deze woonruimte voor een partner beschikbaar moet hebben. Dit verschilt van tot instelling. Het zorgkantoor bekijkt hoe de aanspraak op zorg en/of verblijf verzilverd kan worden.

Een verpleeg- of verzorgingshuis dat een partner opneemt van een cliënt met een indicatiebesluit van het CIZ, heeft voor het meeverhuizen geen extra indicatiebesluit nodig. Het CIZ bepaalt dus niet het recht van de partner op het wel of niet mee kunnen verhuizen. De instelling die geschikte woonruimte voor een partner aanbiedt, kan dit wel via het CIZ laten registreren. Het CIZ is dan behulpzaam bij het informeren van het zorgkantoor zodat een eigen bijdrage of bekostiging kan plaatsvinden.

Bron: CIZ

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.